Vlinder

Bij ons in de serre vloog deze ochtend een vlinder rond. Die had zichzelf opgesloten. Het was best een mooie vlinder, een donkere met een creatieve tekening op de vleugels, in rood en groen, maar alle vlinders zijn bijzonder mooi natuurlijk. In principe was dit een gemiddelde vlinder. Telkens probeerde hij door het glas naar buiten te fladderen en elke keer weer botste hij tegen de onzichtbare grens. De vlinder wist natuurlijk niets van glas. Ik kon mijn gemak nemen en hem daar laten rondfladderen, er staan wat planten. Hij zou best een aardig leven kunnen hebben als hij zich maar niet zo uitputte. Vlinders leven maar één dag, dacht ik nog, waarom zou je je zo druk maken? Of leefde vlinders tegenwoordig ook langer, iedereen wordt ouder heb ik me laten vertellen, misschien gold dat evenzo voor vlinders? Toch kreeg ik het vermoeden dat hij op deze manier de avond niet zou halen. Hij bleef zich maar op het glas storten. Als hij niet vroegtijdig aan uitputting overleed dan wel aan een hersenschudding. Of hadden vlinders geen hersens nodig en genoeg aan hun intuïtie? Was een kort leven van strijden te verkiezen boven een relatief lang en rustig leven in een serre? Ik wist het niet, maar als ik hem zou proberen te helpen, beschadigde ik misschien wel een vleugel en was hij nog verder van huis. De vlinder gaf niet op, er bleef weinig anders over dan een poging te wagen. Dus ik pakte een theedoek en gooide die over de vlinder heen. Voorzichtig liep ik ermee door de schuifpui de tuin in. Het was zonnig en zeer zacht voor de tijd van het jaar. Ik opende de theedoek. Onmiddellijk fladderde de vlinder hoog en vluchtig de lucht in, en verdween uit zicht.

Reageer

Gerelateerde artikelen